De vliegende koffer
In de uitbreiding van het Sprookjesbos bleek er beperkt plek voor relatief grote gebouwen, onder andere vanwege de zichtlijnen vanaf de parkeerplaats naar de entree en de wens om sprookjes onderling uit het zicht te houden. Om een koffer indrukwekkend te laten vliegen, moet dat boven het hoofd van de gast gebeuren. Daarom is een redelijk hoog gebouw nodig. Dat past bij binnen de paleizen-stijl,. maar er is dus wel plek nodig hoge, wintergroene bomen om het paleisje heen te plaatsen om het af te schermen van de rest van het bos. Op deze plek, tegenover het Sprookjesbostheather, is er genoeg plaats om dat te doen Wel moeten er behoorlijk wat gekapt worden en paden omgelegd, maar het zal het waard zijn.
Een rijke koopman krijgt een daalder voor elke stuiver die hij uitgeeft, zijn zoon erft het geld. Hij gaat naar gemaskerde bals en maakt vliegers van bankbiljetten. Hij houdt slechts tien stuivers over en zijn vrienden kijken niet meer naar hem om. De jongen bezit slechts zijn pantoffels en kamerjas. Van de trouwste vriend krijgt hij een koffer en omdat hij niets bezit, gaat hij er zelf in zitten. De jongen vliegt door de schoorsteen en komt in het land van de Turken terecht. Hier valt hij niet op, iedereen loopt in kamerjas en pantoffels.
De jongen hoort over een prinses die opgesloten is. Er is voorspeld dat ze een ongelukkige liefde zal hebben. De jongen vliegt in zijn koffer, roept naar haar raam en ze komt op het balkon staan. -show begint- De jongen vliegt naar de slapende prinses. en kust haar. De jongen en de prinses ontmoeten elkaar geregeld. Midden in de nacht, want haar ouders mogen het niet weten.
UIteindelijk biecht de prinses op dat ze een vriend heeft. Haar ouders zijn toch wel nieuwsgierig.De jongen wordt uitgenodigd als de koning en koningin bij haar op theevisite zijn en hij moet dan een sprookje vertellen. De jongen koopt een nieuwe kamerjas en gaat naar de theevisite.
Hij vertelt het sprookje: "Een bos zwavelstokjes, die van een pijnboom zijn gemaakt vertellen een pan en tondeldoos over hun jeugd. De pan vertelt over een turfmand die praat over politiek en een oude vrijzinnige pot die in stukken brak. De pot vertelt ook een verhaal en de bezem schikt peterselie aan de rand van de pot. Er is eigenbelang in het spel, de bezem wil de volgende dag bekranst worden door de pot. De theepot weigert te zingen, omdat ze niet bij meneer en mevrouw op tafel staat. De inktpot vertelt dat de nachtegaal mooier zingen kan en de theeketel vindt dit niet vaderlandslievend. De turfmand wil het huis op stelten zetten en dan komt het dienstmeisje binnen. Ze maakt vuur met de zwavelstokjes en die vinden dat iedereen nu kan zien dat zij de voornaamsten zijn."
De koning en koningin vonden het sprookje mooi. Op één van zijn latere bezoekjes -die nu gewoon overdag kunnen- vraagt hij haar ten huwelijk en zij stemt toe. De jongen vraagt de koning om haar hand. De koning ziet dat zijn dochter gelukkig is en stemt ook toe.
De en de jongen mag over enkele dagen met hun dochter trouwen. De koopmanszoon koopt vuurwerk en neemt dit mee in zijn koffer. De jongen ontdekt dan dat de koffer door het vuurwerk is verbrand. Maar dat maakt allemaal niets meer uit, want wat telt is dat hij gaat trouwen met de prinses. Gelukkig blijkt de voorspelling niet waar: ze leefden nog lang en gelukkig.